Ik loop bijna altijd alleen.
Niet omdat ik iets tegen loopclubs heb. Ook niet omdat ik per se in stilte wil trainen. Het is vooral zo gegroeid.
Alleen lopen is makkelijk.
Je hoeft met niemand af te spreken. Je hoeft niet te wachten tot iemand anders klaar is en niemand hoeft op jou te wachten. Als je plots zin hebt om te lopen, kun je gewoon vertrekken.
Dat vind ik een van de grootste voordelen.
Lopen vraagt op zich al genoeg organisatie. Schoenen aan, training bekijken en naar buiten. Zodra daar agenda's van anderen bijkomen, wordt iets eenvoudigs al snel iets wat gepland moet worden.
En tempo's verschillen toch altijd.
Zelfs wanneer je ongeveer even snel loopt, heeft de ene een rustige dag terwijl de andere wat harder wil. De ene wil een extra lus, de andere wil naar huis. Tijdens een intervaltraining wordt het verschil nog groter.
Wanneer ik alleen loop, hoeft een training maar één tempo te hebben: het tempo dat die dag voor mij de bedoeling is.
Op rustige dagen hoef ik niet sneller omdat iemand naast mij wat harder loopt. Tijdens snellere trainingen hoef ik niet te vertragen om een gesprek gaande te houden. En als ik onderweg mijn route wil veranderen, doe ik dat gewoon.
Zoals ik eerder schreef over mijn looproutes in Leuven, vertrek ik meestal met een idee van de training en veel minder met een exacte route.
Alleen lopen geeft daar veel vrijheid in.
Maar het praktische is niet de enige reden.
Soms heb ik gewoon zin om te vertrekken. Niet om iets te bespreken of bij te praten. Gewoon om een uur alleen te zijn met wat er op dat moment in mijn hoofd zit.
Ik luister soms naar iets, maar vaak ook niet. Tijdens het lopen hoeft er weinig tegelijk te gebeuren. Geen berichten, geen overleg, geen volgende afspraak. Alleen de volgende kilometer.
Toch merkte ik tijdens de Kesseloop dat samen lopen ook iets heeft.
Ik had me vooraf voorgenomen om er geen wedstrijd van te maken. Samen lopen hielp daar eigenlijk bij. We praatten, het tempo bleef rustig en ik was veel minder bezig met wie er voor of achter ons liep.
Blijkbaar praat ik tijdens het lopen wel meer dan ik zelf dacht.
Ik ga mijn trainingen er niet voor reorganiseren. Daarvoor vind ik het te prettig om te kunnen vertrekken wanneer ik wil, aan het tempo dat die dag klopt.
Bijna altijd alleen lopen hoeft ook niet hetzelfde te betekenen als altijd alleen lopen.